Van niets tot
iets
De vragen over hoe het universum ontstaan is, waar het naar toe gaat
en hoe de wetten, de orde en het evenwicht zich handhaven, zijn altijd
al onderwerpen van interesse geweest. Wetenschappers en denkers zijn met
dit onderwerp oneindig lang bezig geweest en zij hebben enkele theorieën
ontwikkeld.
Het gangbare idee, tot het begin van de 20ste eeuw, was dat
het universum oneindig dimensionaal was, dat het altijd al bestaan heeft
en dat het voor altijd zal bestaan. Volgens deze visie, 'static universe
model' genaamd, heeft het universum noch een begin, noch een einde.
Deze kijk op het universum legt de grondslag voor de materialistische
filosofie en zo ontkennen zij het bestaan van een Schepper, terwijl het
beweert dat het universum een constante, stabiele en een niet veranderende
verzameling van materie is.
Materialisme is een systeem met een denkwijze die materie ziet als een
absoluut iets en het ontkent het bestaan van al het andere. De wortels
van dit systeem liggen in het Oude Griekenland en de steeds toenemende
acceptatie begon in de19de eeuw. Deze denkwijze werd bekend
in de vorm van het spitsvondige materialisme van Karl Marx.
Zoals we al eerder verklaarden, bereidde de 'static
universe model' van de 19de eeuw de grondslag voor van de materialistische
filosofie. In zijn boek 'Principes Fondamentaux de Philosophie', verklaarde
George Politzer betreffende de basis van dit universummodel, dat "het
universum een niet gecreëerd iets is" en hij voegde er aan toe: "Als het
dat was, dan zou het onmiddellijk gecreëerd zijn door God en tot bestaan
zijn gebracht uit niets. Om de Schepping te bekennen en te aanvaarden,
zal diegene ook moeten bekennen, op de eerste plaats, het bestaan van
een moment dat het universum niet bestond en dat iets ontstaan is uit
niets. Dit is een stelling die de wetenschap niet kan aanvaarden." 4
Toen Politzer beweerde dat het universum niet gecreëerd is uit het niets,
vertrouwde hij op het 'static universe model' uit de 19de eeuw
en hij dacht dat hij een wetenschappelijke bewering vaststelde. Hoe dan
ook, de ontwikkelde wetenschap en technologie in de 20ste eeuw
wierpen de primitieve ideeën omver, zo ook het "static universe model"
dat de grondslag was voor de materialisten. Vandaag de dag, in het begin
van de 21ste eeuw, hebben moderne natuurkundigen bewezen, met
vele experimenten, observatie en berekeningen, dat het universum een begin
had en dat het gecreëerd is uit niets met een grote explosie.
Dat het universum een begin heeft, betekent dat het heelal gemaakt is
tot iets, vanuit niets. Dit betekent dat het universum is gecreëerd. Als
een gecreëerd ding bestaat (wat eerst nog niet bestond), dan heeft het
zeker een Schepper. Iets uit niets is een idee dat onvoorstelbaar is voor
het menselijk verstand. (De mens kan zich dit niet voorstellen omdat hij
het niet ervaren heeft.) Daarom, iets uit niets is heel anders dan het
samen brengen van voorwerpen om een nieuw voorwerp te vormen (zoals kunstwerken
of technologische uitvinden). Het is een Teken van de Schepping van Allah,
dat alles in één moment zo perfect is gevormd, terwijl de gecreëerde dingen
geen voorgaande voorbeelden hadden en dat er niet eens tijd en ruimte
was om ze te scheppen.
"Allah
is Degene Die de hemelen en de aarde en wat tussen hen is heeft geschapen,
in zes dagen (perioden), en Hij zetelde Zich op de Troon. Er is voor jullie
buiten Allah geen beschermer en geen voorspreker. Laten jullie je dan
niet vermanen?" 5
Het ontstaan van het universum vanuit het niets, is het grootst mogelijke
bewijs dat het is gecreëerd. Nu dat deze feiten bekend zijn, veranderen
vele zaken. Het helpt mensen het doel en de zin van het leven te begrijpen
en men krijgt zicht op hun standpunt en de reden van alles. Daarom probeerden
vele wetenschappelijke samenlevingen het feit van de Schepping te negeren,
welke zij niet volledig konden bevatten. Zelfs niet terwijl het bewijs heel
duidelijk was voor hen. Het feit dat alle wetenschappelijke bewijzen het
bestaan van een Schepper laten zien, heeft hen genoodzaakt om alternatieven
te verzinnen om de mensen te verwarren. Niettemin, het bewijs van de wetenschap
zelf, heeft een definitief einde gemaakt aan deze theorieën.
De Big Bang
Edwin Hubble |
In 1929, in het 'California Mount Wilson Observatory', ontdekte een Amerikaanse
sterrenkundige met de naam Edwin Hubble, één van de grootste ontdekkingen
in de geschiedenis van de astronomie. Terwijl hij de sterren observeerde
met een gigantische telescoop, ontdekte hij dat het licht van deze sterren
verschoof naar het rode gedeelte van het spectrum en dat deze verschuiving
groter was, naarmate de ster verder van de aarde verwijderd was. Deze
ontdekking had een schrikbarend effect op de wetenschappelijke wereld,
omdat volgens de algemeen geaccepteerde regels van de natuurkunde, het
spectrum van lichtstralen reizend naar het punt van observatie, naar violet
neigde, terwijl het spectrum van lichtstralen die van het observatiepunt
af bewogen, naar rood neigde. Tijdens Hubble's observaties, ontdekte hij
dat het licht van de sterren naar rood neigden. Dit betekent dat de sterren
verder van ons af bewegen.
Spoedig daarna ontdekte Hubble nog een heel belangrijk iets: sterren en
melkwegen bewegen niet alleen van ons vandaan, maar ook van elkaar. De
enige conclusie die men kan trekken van een universum waarin alles van
elkaar vandaan beweegt, is dat het universum constant expandeert, het
universum zet uit.
"(Gedenk) de Dag waarop
Wij de hemelen oprollen, zoals het oprollen van het perkament om op te
schrijven: net zoals Wij de eerste schepping begonnen zullen Wij haar
herhalen, als een belofte die Wij op Ons namen. Voorwaar, Wij zullen het
doen." 6
Om dit beter te begrijpen, kan men het universum voorstellen als het oppervlak
van een ballon die opgeblazen wordt. Net zo als de punten van het ballonoppervlak
van elkaar bewegen wanneer je de ballon opblaast, zo ook bewegen de objecten
in de ruimte van elkaar af, als de ruimte blijft uitzetten.
Eigenlijk was dit al, een korte periode voor Hubble, theoretisch ontdekt
door Albert Einstein, die wordt beschouwd als de grootste wetenschapper
van de eeuw. Einstein concludeerde na berekeningen die hij maakte in theoretische
natuurkunde, dat het universum niet stabiel kon zijn. Hij legde deze theorie
aan de kant, om niet in conflict te komen met de rest van de wetenschappelijke
wereld, die het 'static universe model' in die tijd in het algemeen accepteerden.
Later zou Einstein toegeven dat deze beslissing, om de theorie voor zichzelf
te houden, de grootste fout in zijn carrière was. Vervolgens werd de theorie
van Einstein bewezen door Hubble's waarnemingen en het werd een feit dat
het universum expandeert.
 |
Wat is nu belangrijk aan het feit dat het heelal uitzet, voor het bestaan
van het heelal? Het uitzetten van het universum impliceert, dat als het
terug in de tijd kon reizen, dat het universum zou bewijzen dat het van
origine ontstaan is uit één enkel punt. De berekeningen laten zien dat
dit 'enkele punt', dat alle materie van het universum omvatte, een volume
van nul had en een oneindige dichtheid.
Het heelal kreeg zijn bestaan door een explosie van dit punt met nul volume.
Deze grote explosie die het begin van het heelal markeert, kreeg de naam
'Big Bang' (de oerknal) en de theorie werd zo genoemd.
Het moet vermeld worden, dat een 'nul volume' een theoretische uitdrukking
is. Wetenschap kan het begrip 'niets', dat buiten het bevattingsvermogen
van de mens ligt, definiëren, maar alleen door het uit te drukken als
'een punt met nul volume'. In oprechtheid, 'een punt zonder volume' betekent
'niets'. Het universum is 'iets' geworden uit 'niets'. Met andere woorden,
het is geschapen.
De Big Bang-theorie laat ons zien dat in het begin alle
objecten in het heelal, één deel waren en toen zijn gescheiden. Dit feit,
welke is onthuld door de Big Bang-theorie, was al verklaard in de Qor-aan,
14 eeuwen geleden, toen mensen een heel beperkte kennis hadden over het
universum: Weten degene die ongelovig zijn niet dat de hemelen en de
aarde als een gemengde massa waren en dat Wij hen beide daarop splitsten
en dat Wij alle levende dingen uit het water maakten? Geloven zij niet?"
7
Zoals wordt verklaard in dit vers, is alles, zelfs de 'hemelen en de aarde'
die nog niet geschapen waren, geschapen met de Big Bang, met de oerknal,
vanuit dat ene punt, en gevormd tot het huidige universum, door scheiding
van elkaar.
Als we de verklaring van dit vers uit de Qor-aan vergelijken met de Big
Bang-theorie, dan zien we dat zij volledig overeenkomen met elkaar. Hoe
dan ook, de Big Bang werd pas geïntroduceerd als een wetenschappelijke
theorie in de 20ste eeuw.
De expansie (uitzetting) van het heelal is één van de meest belangrijke
bewijzen dat het heelal is geschapen uit niets. Ofschoon dit feit pas
ontdekt werd door de wetenschap in de 20ste eeuw, heeft Allah
(Glorieus en Verheven is Hij) ons al geïnformeerd over deze realiteit
in de Qor-aan, die 1400 jaar geleden aan de mensheid werd geopenbaard:
"En
Wij hebben de hemel met een grote macht gebouwd. En voorwaar, Wij zijn
zeker Machtigen." 8
Het zoeken naar alternatieven voor de Big Bang theorie
Het is duidelijk dat de Big Bang-theorie bewijst, dat
het universum is 'gecreëerd uit niets', met andere woorden, dat het is
geschapen door God. Om deze reden bleven astronomen die overtuigd waren
van de materialistische filosofie, zich verzetten tegen de Big Bang-theorie,
om zo hun eigen gedachtegang overeind te houden. De reden van deze moeite
werd verklaard in de volgende woorden van A.S. Eddington, een van de opmerkelijkste
materialistische natuurkundige: "Filosofisch gezien, is het idee van een
abrupt begin van alles, tot aan het huidige evenwicht van de natuur, weerzinwekkend
voor mij." 9
Sir Fred Hoyle was één van diegenen die werd gestoord door de Big Bang-theorie.
In het midden van de 20ste eeuw verdedigde Hoyle een theorie,
'steady-state' genaamd. Deze theorie was gelijk aan het 'constant universe
model', dat ontstond aan het eind van de 19de eeuw. De 'steady-state'-theorie
beweerde dat het heelal zowel oneindig groot is en voor eeuwig in bestaan.
Met het enige zichtbare doel, dat van het steunen van de materialistische
filosofie, was deze theorie totaal verschillend met de Big Bang-theorie,
welke de bewering bevat dat het heelal een begin had. Degene die de steady-state-theorie
verdedigden, waren voor lange tijd tegen de Big Bang. De wetenschap werkte
hen tegen.
Sommige wetenschappers zochten voor manieren om alternatieven te ontwikkelen.
In 1948 kwam George Gamov met een ander idee betreffende de Big Bang.
Hij verklaarde dat nadat de vorming van het heelal door een grote explosie,
een soort van stralingsoverschot moest zijn ontstaan in het universum,
als overblijfsel van deze explosie. Bovendien zou deze straling gelijkmatig
verspreid moeten zijn door het heelal. Dit bewijs dat 'moest bestaan'
werd snel gevonden.
More Evidence: Cosmic Background Radiation
In 1965 ontdekten twee onderzoekers, Arno Penzias en Robert Wilson,
deze golven per "toeval". Deze straling, 'cosmic background radiation'
genaamd, bleek niet van een bepaalde bron te komen, maar meer de hele
ruimte te doordringen. Dus was het duidelijk dat de hittegolven die gelijkmatig
door de gehele ruimte straalden, overblijfselen waren van de beginfases
van de oerknal. Penzias en Wilson werden onderscheiden met een Nobelprijs
voor hun ontdekking.
In 1989 zond de NASA de Cosmic Background Explorer (COBE) satelliet de
ruimte in, voor onderzoek naar deze straling. Het duurde slechts 8 minuten
voordat de gevoelige scanners van deze satelliet, de metingen van Penzias
en Wilson bevestigde. De COBE vond de overblijfselen van de grote explosie
die plaats vond in het begin van het universum.
Gedefinieerd als de grootste astronomische ontdekking aller tijden, bewezen
deze bevindingen duidelijk de Big Bang-theorie. De bevindingen van de
COBE 2 satelliet, welke in de ruimte werd gebracht na de COBE satelliet,
bevestigde ook de berekeningen, gebaseerd op de Big Bang.
Een ander belangrijk bewijs voor de Big Bang is de hoeveelheid waterstof
en helium in de ruimte. Volgens de laatste berekeningen begreep men dat
de waterstof-heliumconcentratie in het heelal op dit moment, in verhouding
staat met de theoretische berekeningen van de waterstof-heliumconcentratie,
overgebleven direct na de Big Bang. Als het universum geen begin zou hebben
en als het universum altijd al bestaan zou hebben, zou het bestanddeel
waterstof al compleet zijn opgebruikt en omgezet zijn in helium.
Al deze fascinerende bewijzen zijn de reden dat de Big
Bang-theorie is aanvaard door de wetenschappelijke gemeenschap. Het Big
Bang model was het laatste model dat door de wetenschap is bereikt, betreffende
de vorming en het begin van het heelal.
De 'steady-state'-theorie verdedigend, aan de zijde
van Fred Hoyle, omschreef Dennis Sciama de laatste positie die men had
bereikt, nadat al het bewijs voor de Big Bang bekend was. Sciama verklaarde
dat hij deelgenomen had in een verhitte discussie tussen verdedigers van
de 'steady-state'-theorie en diegene die deze theorie testten in de hoop
het te weerleggen. Hij voegde er aan toe dat hij de 'steady-state'-theorie
verdedigde, niet omdat hij het als waarheid achtte, maar omdat hij wilde
dat het de waarheid was. Fred Hoyle was tegen alle bezwaren die zich als
bewijs tegen deze theorie begonnen te ontpoppen. Sciama vervolgde zijn
toespraak met het toegeven dat hij in eerste instantie achter Hoyle stond,
maar toen de bewijzen zich opstapelden, moest hij toegeven dat het spelletje
van de 'steady-state'-theorie over was en dat de theorie moest worden
verworpen. 10
Prof. George Abel van de Universiteit van California, verklaarde ook
dat recentelijk beschikbaar bewijs laat zien dat het heelal zo'n biljoen
jaar geleden ontstaan is door de Big-Bang. Hij geeft toe dat hij geen
andere keus heeft dan de Big Bang theorie te accepteren.
Met de overwinning van de Big Bang, werd het concept
van 'eeuwige materie', dat de basis vormt van de materialistische filosofie,
op de afvalhoop van de geschiedenis gegooid. Wat was er dan voor de oerknal
en wat was die kracht die het heelal tot 'iets' bracht met deze grote
explosie toen er nog 'niets' bestond? Deze vraag duidt zeker (in de woorden
van Arthur Eddington; het 'filosofisch ongunstige' feit voor de materialisten)
op het bestaan van de Schepper. De beroemde atheïstische filosoof Antony
Flew, geeft het volgende commentaar over deze kwestie: "In het algemeen
is toegeven goed voor de ziel. Ik wil daarom beginnen met toegeven dat
de atheïst beschaamd moet zijn door de hedendaagse kosmologische overeenstemming
over de huidige informatie. Het lijkt erop dat de heelaldeskundigen wetenschappelijke
bewijzen leveren voor waarvan St. Thomas beweerde dat het niet filosofisch
te bewijzen zou zijn; namelijk dat het universum een begin heeft. Zo lang
als het heelal eenvoudig wordt gezien als een voorwerp, niet alleen zonder
eind maar ook zonder begin, dan rest heel gemakkelijk zijn redenloos bestaan
te bepleiten en om het even wat, wordt gevonden als zijnde het meest fundamentele
hoofdkenmerk. Dit zou dan geaccepteerd worden als de ultieme verklaring.
Ofschoon ik geloof dat dit nog steeds correct is, is het zeker niet gemakkelijk,
noch comfortabel om in deze positie te blijven in het licht van de Big
Bang-theorie." 11
Vele wetenschappers die zich niet blindelings betitelen
als atheïsten, hebben toegegeven aan een rol van een Almachtige Schepper
in de Schepping van het universum. Deze Schepper moet een "wezen" zijn,
Die zowel materie als tijd geschapen heeft, maar Zelf onafhankelijk is
van beide. De bekende astronoom Hugh Ross heeft dit te zeggen: "Als het
begin van tijd gelijktijdig is aan het begin van het heelal, zoals de
ruimtetheorie zegt, dan moet de 'reden' van het heelal een soort van 'bestaan'
zijn, opererend in een tijddimensie die compleet onafhankelijk is en moest
het al bestaan voordat de tijddimensie van het heelal bestond. Deze conclusie
is ontzettend belangrijk om te begrijpen wie God is en wat God is en wat
God niet is. Het zegt ons dat God niet het heelal is, noch dat God aanwezig
is in het universum." 12
Materie en tijd zijn geschapen door de Almachtige Schepper, Die onafhankelijk
is van deze begrippen. Deze Schepper is Allah, de Heer van de hemelen
en de aarde.
Subtiel evenwicht in de ruimte
Werkelijk, de Big Bang heeft meer problemen veroorzaakt voor de materialisten
dan bovengenoemde bekentenissen van de atheïstische filosoof Antony Flew.
De Big Bang bewijst niet alleen dat het heelal ontstaan is uit niets,
maar ook dat het geschapen is op een heel goede, georganiseerde, systematische
en gecontroleerde manier.
De Big Bang vond plaats met een explosie van een 'punt' dat alle materie
en energie van het hele universum bevatte en de verspreiding in de ruimte
naar alle richtingen met een verschrikkelijke snelheid. Uit deze materie
en energie, is een groot evenwicht gekomen dat melkwegen, sterren, de
zon, de aarde en alle andere hemellichamen bevat. Bovendien werden er
wetten gevormd, wetten van de natuurkunde, welke dezelfde zijn waar ook
in het universum en deze wetten veranderen niet. Al deze zaken geven een
perfecte orde aan, ontstaan na de Big Bang.
Explosies brengen hoe dan ook, geen orde. Alle waarneembare explosies
richten schade aan, ze breken af, ze vernietigen wat aanwezig is. Bijvoorbeeld
de explosies van de atoombom en de waterstofbom, mijngassen, vulkanische
explosies, natuurgas explosies, zonexplosies: zij hebben allemaal vernietigende
effecten.
Als er aan ons een explosie geïntroduceerd zou worden, die een gedetailleerde
orde als resultaat zou hebben - bijvoorbeeld, als een explosie onder de
grond een perfect kunststuk zou vormen, of een gigantisch paleis, of imposante
huizen - dan zouden we concluderen dat er een 'bovennatuurlijke' ontdekking
achter deze explosie moet zitten en dat al deze stukjes die verspreid
zijn door de explosie zo gemaakt zijn dat zij op een zeer gecontroleerde
manier bewegen.
Het citaat van Sir Fred Hoyle, die zijn fout accepteerde
na jaren van tegenstand tegen de Big Bang theorie, laat deze situatie
heel goed zien: "De Big Bang-theorie bevat het feit dat het heelal begon
met een enkele explosie. Maar, zoals we hierboven kunnen zien, vernietigt
een explosie alleen maar materie, terwijl de oerknal op een mysterieuze
manier het tegenovergestelde effect tot gevolg had; het samengaan van
materie in de vorm van melkwegstelsels." 13
Terwijl hij verklaarde dat de vorming van orde door de Big Bang tegenstrijdig
is, interpreteerde hij zeker de Big Bang met een materialistische bevooroordeelde
kijk en nam aan dat het een 'ongecontroleerde explosie' was. Hoe dan ook,
hij was het die in werkelijkheid tegenstrijdig werd, door het maken van
zo'n verklaring, door zo simpel het bestaan van een Schepper af te wijzen.
Als er een grote orde zou ontstaan met een explosie, dan zou men van het
concept van een 'ongecontroleerde explosie' moeten afzien en zou men moeten
accepteren dat de explosie buitengewoon gecontroleerd was.
Een ander aspect van deze zeer bijzondere orde die in het heelal gevormd
is door de Big Bang, is de schepping van het 'bewoonbare universum'. Er
zijn ontzettend veel condities voor de vorming van een bewoonbare planeet
en ze zijn zo complex, dat het onmogelijk is te denken dat dit gevormd
is per toeval.
Paul Davies, een beroemd professor in theoretische natuurkunde, berekende
hoe 'fijn-afgestemd' de uitzetting na de Big Bang was en hij kwam tot
een geweldige ontdekking. Volgens Davies: "Als de snelheid van de uitzetting
na de Big Bang anders zou zijn geweest, zelfs in de verhouding van één
op de biljoen x biljoen, dan zou er geen bewoonbaar hemellichaam gevormd
zijn geweest.
Zorgvuldige metingen plaatsen de snelheid van de expansie
heel dicht bij een kritische waarde, welke het heelal laat ontsnappen
aan zijn eigen zwaartekracht en voor altijd expandeert. Een beetje langzamer
en het heelal zou ineenstorten, een beetje sneller en het kosmisch materiaal
zou al lang geleden compleet zijn verspreid. Het is interessant om precies
te kijken naar hoe subtiel de snelheid van de uitzetting is geregeld,
waardoor het precies op de lijn valt tussen twee catastrofes; een beetje
langzamer zou een ramp betekenen en ook een beetje sneller zou de ondergang
van het heelal tot gevolg hebben. Wanneer in de tijd I S (de tijd dat
het patroon van de uitzetting al stabiel vastgesteld was) de uitzettingssnelheid
een verschil met de werkelijke snelheid had van meer dan 10-18, dan zou
dat voldoende zijn geweest om het subtiele evenwicht te verstoren. De
explosieve kracht van het heelal klopt precies met een ongelooflijke nauwkeurigheid
ten opzichte van zijn eigen aantrekkingskracht. De Big Bang was niet,
klaarblijkelijk, zomaar een oude explosie, maar een explosie met een voortreffelijk
geregelde omvang. 14
De natuurkundige wetten die begonnen te gelden na de Big Bang, veranderden
totaal niet. Zelfs niet na 15 biljoen jaar. Bovendien kloppen deze wetten
volgens berekeningen zo helder, dat zelfs een millimeter verschil van
hun huidige waarden, kan resulteren in de vernietiging van de hele structuur
en opbouw van het heelal.
De bekende natuurkundige Prof. Stephen Hawking, verklaart
in zijn boek 'A Brief History of Time', dat het heelal is bepaald volgens
berekeningen en evenwicht, zo subtiel afgesteld, dat wij ons dat nauwelijks
kunnen voorstellen. Hawking verklaarde met betrekking tot de uitzetting
van het heelal: "Waarom begon het 'groeien' van het heelal zo dicht tegen
de kritische snelheid van uitzetting, die een scheiding maakt van modellen
die ineenstorten en modellen die voor altijd blijven expanderen, zo, dat
zelfs nu nog, tien duizend miljoen jaar later, het nog steeds expandeert,
dicht op diezelfde kritische snelheid? Als de snelheid van expansie, één
seconde na de Big Bang, een verschil had gehad, zelfs een fractie van
honderd duizend miljoen, dan zou het heelal zijn ineengestort, zelfs voor
dat het zijn huidige grootte bereikt zou hebben." 15
Paul Davies legt ook het onvermijdelijke resultaat
uit, voortkomend uit dit ongelooflijk precieze evenwicht en bedachtzaamheid:
"Het is moeilijk je te verzetten tegen de indruk van de huidige structuur
van het heelal, dat heel duidelijk heel gevoelig is voor kleine veranderingen
in de cijfers, dat het eerder doordacht moet zijn… De klaarblijkelijk
wonderbaarlijke overeenstemming van de getalswaarde die de natuur heeft
bepaald voor haar fundamentele onveranderlijkheid, moet het meest fascinerend
bewijs bevatten voor het hoofdbestanddeel van kosmisch ontwerp." 16
In relatie met hetzelfde onderwerp schreef een Amerikaanse
professor in astronomie, George Greenstein, in zijn boek "The Symbiotic
Universe": "Als we alle bewijzen onderzoeken, komt drangmatig de gedachte
in de mens op, dat een bovennatuurlijke kracht - of, beter gezegd Kracht
- betrokken moet zijn." 17
Het evenwicht
De schepping van materie
Het atoom, de bouwsteen van alle materie, kreeg zijn bestaan na de Big
Bang. Deze atomen kwamen toen samen om zo het universum te vormen met
sterren, de aarde en de zon. Daarna bewerkstelligden dezelfde atomen leven
op aarde. Alles wat u om u heen ziet: uw lichaam, de stoel waar u op zit,
het boek dat u in uw handen heeft, de lucht die u ziet door het raam,
de grond, het beton, het fruit, de planten, alle levende wezens en alles
wat u zich maar kunt voorstellen is tot bestaan gekomen door een verzameling
van atomen.
Wat is dan het atoom, de bouwsteen van alles, waarvan is het gemaakt
en welke structuur heeft het?
Als we de structuur van atomen onderzoeken, dan zien
we dat ze allemaal een opmerkelijk ontwerp en orde hebben. Elk atoom heeft
een kern waarin zich een bepaald aantal protonen en neutronen zich bevinden.
Daar komt nog bij dat er elektronen zijn die rond de kern bewegen in een
constante baan met een snelheid van 1000 kms per seconde. 18
De elektronen en protonen van een atoom zijn gelijk in aantal, omdat
positief geladen protonen en negatief geladen elektronen elkaar altijd
in balans houden. Als een van deze aantallen anders zou zijn, dan zou
er geen atoom zijn, aangezien zijn elektromagnetisch evenwicht dan verstoord
zou zijn. De atomen zijn opgebouwd uit een relatief zware atoomkern, bestaande
uit positief geladen protonen en ongeladen neutronen, waaromheen zich
een wolk van elektronen (negatief geladen elementaire deeltjes) bevindt.
De atoomkern wordt bijeen gehouden door de sterke kernkracht; de elektronen
worden in hun baan gehouden door de elektromagnetische kracht. De kern
van een atoom, de protonen en neutronen, en de elektronen eromheen, zijn
altijd in beweging. Deze wentelen onfeilbaar zowel om zichzelf, als om
elkaar in bepaalde snelheden. Deze snelheden zijn altijd verhoudingsgewijs
tot elkaar en ze bepalen het bestaan van het atoom. Geen wanorde, ongelijkheid
of verandering komt er voor. Alle materie is opgebouwd uit deze bouwstenen.
Het is zeer opmerkelijk dat zo'n hoog ontwikkelde orde en vastgestelde
eenheid tot bestaan zijn gekomen na een grote explosie die plaatsvond
in het onbestaande. Als de Big Bang een ongecontroleerde en toevallige
explosie zou zijn geweest, dan zou het, hoe dan ook, gevolgd moeten zijn
door willekeurige gebeurtenissen en alles dat vervolgens gevormd werd,
zou hoe dan ook, verspreid worden in een grote chaos.
In feite, een vlekkeloze orde heeft de overhand gekregen op elk punt,
sinds het begin van het bestaan. Bijvoorbeeld; ofschoon atomen zijn gevormd
op verschillende plaatsen en tijden, zijn ze zo georganiseerd, dat het
lijkt alsof ze zijn geproduceerd in één enkele fabriek met een bewustzijn
van elk soort. Ten eerste vinden elektronen uit zichzelf een kern en beginnen
eromheen te draaien. Daarna komen atomen samen om materie te vormen en
dit alles brengt zinvolle, redelijke voorwerpen met een doel voort. Onduidelijke,
nutteloze, abnormale en doelloze dingen komen niet voor. Alles, van de
kleinste eenheid tot het grootste element, alles is zo georganiseerd en
heeft veelvuldige doelen.
Dit alles zijn zuivere bewijzen voor het bestaan
van de Schepper, Die verheven is in kracht, en wijst op het feit dat alles
tot bestaan komt hoe Hij het wil en wanneer Hij het wil. In de Qor-aan
verwijst Allah (Glorieus en Verheven is Hij) naar Zijn Schepping aldus:
"Hij is Degene Die de hemelen en de aarde schiep met de Waarheid. En op
de dag waarop Hij zegt 'Wees', en het is: Zijn woord is de Waarheid…"
19
Na de Big Bang
Roger Penrose, een natuurkundige die uitgebreid onderzoek
heeft verricht naar het ontstaan van het heelal, heeft het feit verklaard
dat het heelal in zijn hoedanigheid niet louter berust op toevalligheden,
maar dat het laat zien dat het absoluut een doel heeft. Voor sommige mensen
'is het heelal gewoon daar' en gaat het gewoon door met gewoon daar te
zijn. Wij mensen vinden onszelf daar in het midden van het geheel, gewoon.
Deze kijk zal ons waarschijnlijk niet helpen om het heelal te begrijpen.
Volgens de kijk van Penrose, zijn er vele diepe zaken gaande in het heelal,
die we heden ten dage nog niet kunnen waarnemen. 20
De ideeën van Roger Penrose zijn inderdaad goede stof voor de gedachte.
Zoals deze woorden suggereren, koesteren vele mensen foutieve gedachten
dat het universum met zijn perfecte evenwicht, bestaat voor niets, zonder
reden, en dat zij daarentegen in dit heelal leven voor een doelloos spel.
Hoe dan ook, het kan in geen geval beschouwd worden als 'gewoon' en 'normaal',
dat een perfecte en wonderbaarlijke orde ontstaan is na de oerknal, welke
wordt beschouwd door de wetenschappelijke wereld als oorzaak van de vorming
van het universum, aangetoond met vele wetenschappelijke feiten en bewijzen.
Kortom, als we het glorieuze systeem van het heelal onderzoeken, zien
we dat het bestaan van het heelal en zijn werking, berust op een extreem
subtiel evenwicht en een orde die te complex is om uitgelegd te worden
als toevallige gebeurtenissen. Het is duidelijk dat in geen geval het
mogelijk is dat dit subtiele evenwicht en deze orde uit zichzelf is ontstaan
en per toeval na een grote explosie. De vorming van zo'n orde, na een
explosie zoals de Big Bang, kan alleen maar mogelijk zijn als resultaat
van een bovennatuurlijke schepping.
"Degene Die de hemel heeft geschapen in lagen. Jij
ziet in de schepping van de Erbarmer geen onevenwichtigheid. Kijk dan
nog een keer, zie jij een afwijking? Kijk dan nog eens twee maal, jij
zult jouw ogen nederig neerslaan, terwijl zij vermoeid zijn." 21
Dit niet te evenaren ontwerp en orde in het universum bewijst zeker het
bestaan van een Schepper met onbegrensde Kennis, Macht en Wijsheid, Die
materie gecreëerd heeft uit het niets en die alles onophoudelijk controleert
en bestuurd. Deze Schepper is God, Allah, de Heer der hemelen, de aarde
en alles wat ertussen is.
Al deze feiten laten ons ook zien hoe de beweringen van de materialistische
filosofie, welke simpelweg een dogma is uit de 19de eeuw, ongeldig
worden verklaard door de wetenschap van de 20ste eeuw.
Door het bekend worden van deze grote orde, ontwerp en evenwicht, die
aanwezig zijn in het heelal, heeft de moderne wetenschap het bestaan bewezen
van een Schepper Die alles heeft gecreëerd en alles beheerst: dat is Allah
(Glorieus en Verheven en is Hij).
Het materialisme heeft voor enkele eeuwen veel invloed gehad op een groot
aantal mensen en het heeft zich verborgen gehouden achter het masker van
de 'wetenschap'. Het materialisme heeft een grote fout gemaakt door alles
te veroordelen (ontkennen) wat niet bestond (zichtbaar, tastbaar), behalve
materie. Hierdoor heeft het materialisme het bestaan van God, Die alles
gecreëerd en geordend heeft uit het niets, ontkend. Er komt een dag dat
materialisme herinnerd zal worden als een primitief en bijgelovig geloof,
verstoken van zowel redelijkheid, logica en wetenschap.
|